Na een lange trip komen we ‘s avonds aan in de auberge in Foum Zguid. Het is een oude Koranschool op een prachtige locatie. We worden warm onthaald door de eigenaar Achmed. We vertellen van ons off-road avontuur en hij is onder de indruk. Normaal gesproken is dat alleen voor jeeps geschikt en de weg is zelfs niet altijd begaanbaar. Het is daarom een wonder dat we het hebben gehaald…

Kashba

‘s Avonds eten we heerlijke tajine in de prachtige binnentuin en gaan op tijd naar bed, want morgen gaan we met de jeep de Sahara in. Maar eerst gaan we in de ochtend de kashba naast het hotel bekijken.

De oude kashba van Foum Zguid

Het is een oude Kashba en is in verval geraakt. Zo’n 400 jaar geleden woonden daar meer dan 200 Berber en Joodse gezinnen.

De ruïnes van de kashba

Nu wonen daar nog acht gezinnen die het terrein en de oase onderhouden. Het is deels ingestort, maar je krijgt een goed beeld van hoe men daar vroeger leefde. Ook bekijken we de schuilkelders waar de kinderen en de vrouwen zich verborgen wanneer de kashba werd overvallen door woestijnrovers. Indrukwekkend dit alles zo te zien.

Op de thee bij een Berberfamilie

We gaan op bezoek bij een Berberfamilie en worden uitgenodigd om een kopje thee te drinken. Ze zijn brood aan het bakken op een vuurtje en we krijgen een vers gebakken brood mee. Kiki en Noor spelen met de kinderen. Zij leiden zo een ander leveren dan wij, dat is moeilijk voor te stellen. We vinden het bijzonder dat we dit de kinderen mee kunnen geven.

Kiki en Noor spelen met de Berber kinderen

Deze familie heeft een van de oudste hamams van de regio en wij gaan daar naar toe als we terugkomen van de jeepsafari.

Als we terugkomen van ons bezoek aan de Kashba staat de jeep al klaar en Achmed, de eigenaar van het hotel begeleidt ons op onze trip naar de Sahara.

Met de jeep de Sahara in

Voordat we het dorp uitrijden gaan we naar een lokale winkel en halen daar sigaretten en chocolade repen voor de inwoners van de nomadvillages die we onderweg tegenkomen.

Chocola en sigaretten voor de nomaden

Daarna verlaten we het dorp en slaan dan af naar een onverharde weg wat leidt naar een grenspost. Ook al is de grens met Algerije nog meer dan 100 kilometer verderop. Toch wordt hier al gecontroleerd maar Achmed kent de beambte en we mogen doorrijden. Eerst rijden we op een stenen pad, vergelijkbaar met het pad van de Clio gisteren.

Het eerste deel van de Sahara

Langzamerhand wordt deze weg een zandweg en gaat de natuur over in de woestijn. Je ziet dromedarissen lopen en in de verte staat een eenzame nomadentent. We rijden een deel over het parcours van de Parijs-Dakar.

Nomaden

We hebben vanuit het dorp een lifter mee en die zetten we af bij een klein dorpje en vervolgen onze weg.

Eerst nog een lifter afzetten in een dorpje onderweg

Bij het volgende dorp (meer een verzameling van een paar tenten) gaan de meiden op de dromedaris verder.

Nomade dorp

Ik ga niet op een dromedaris want ik vind het niet juist om op een beest te gaan zitten. Zeker niet met mijn gewicht. Het is de bedoeling dat Kiki en Noor ieder op een eigen dromedaris gaan en dat Mirjam en een dromedarishoeder te voet gaan. Ik ga alvast met Achmed mee met de jeep naar het tentenkamp, onze slaapplaats voor vannacht

Kopje thee in een nomadetent in de Sahara

Aangekomen bij dorpje drinken we eerst thee in een nomadetent. Het is er zeer primitief. Midden in de tent, waar iedereen leeft, kookt, slaapt en spullen opslaat, staat zelfs een brommer.

Kiki en Noor vinden het heel spannend dus het voorstel is dat zij samen op een dromedaris gaan, eventueel met Mirjam er bij. Er staat een tweede kameel klaar. Ik bedenk me dat als ik niet op de kameel ga, de meiden met zijn drietjes en een dromedarishoeder alleen door de woestijn gaan en daarop besluit ik toch maar om op de dromedaris mee te gaan in plaats van met de jeep.

Rodeo

De dromedaris gaat door zijn knieën en ik vraag nog of het verantwoord is. Geen probleem hoor en ik klim op het zadel en de dromedaris krijgt het commando om op te staan.

De dromedarissen klaar voor vertrek…

Op dat moment begint hij te sputteren en spuugt groen gal uit zijn mond en gaat omhoog met zijn achterpoten. Ook zijn voorpoten gaan omhoog en ik voel dat de deken waar ik op zit begint te schuiven. De dromedaris gaat bokken met zijn achterpoten en de begeleider springt weg. De deken glijdt van de rug en ik word gelanceerd en beland op mijn rug op de grond. Naast en half op een aantal keien. Ik kan amper opstaan en heb pijn in mijn rug. Op dat moment schiet er door mijn hoofd dat het ook anders af had kunnen lopen. De meiden hebben het zien gebeuren en willen niet meer op de dromedaris. We besluiten daarop met de jeep verder naar het kamp te rijden. We hobbelen over de stenen en bij elke beweging van de jeep begint mijn rug meer en meer pijn te doen.

Overnachten in de Sahara

We komen aan bij het kamp. Het is een ongelooflijk mooie plek! Aan drie kanten is het kamp omgeven door ongeveer 50 meter hoge zandheuvels en één kant is open en daar kijk je uit over de woestijn met in de verte de uitlopers van de Anti Atlas.

De Sahara

Het middendeel is vlak en er staan vijf lemen hutjes. Drie om in te slapen, een keukenhut en een toilethut. Achmed en de twee hulpen (Youssef en Mustafa), bereiden de avondmaaltijd voor. Wij lopen de zandheuvel op en genieten van het prachtige uitzicht en de ondergaande zon. Normaal zien we iedere avond de zon ondergaan in de zee. Nu zien we de zon langzaam verdwijnen achter de zandheuvels. Prachtig! Het wordt donkerder en steeds meer sterren doemen op aan de hemel. Nu de zon weg is, wordt het ook kouder maar het is hier nog goed uit te houden. Bij het schijnsel van een lantaarn gaan we op een groot kleed zitten en krijgen we een heerlijke maaltijd. Kiki leert Youssef en Mustafa, de twee begeleiders, een kaartspel.

Kiki leert Youssef en Mustafa pesten

We eten met zijn zevenen. Na de maaltijd gaan we naar de hut toe en daar liggen vier matrassen met dikke dekens. Gelukkig is er voldoende licht door de maan, zodat we zien waar we zijn en wat we doen. De pijn in mijn rug blijft en ik heb moeite om te gaan liggen. Eerst maar een nachtje slapen, dan zal het weer beter gaan.

Ontbijt in de woestijn met op de achtergrond de hutjes waar we sliepen

De volgende morgen is Mirjam vroeg wakker en loopt de duin op om de zon op te zien komen. Het is hier doodstil. Je hoort helemaal niets. Op zee is het ook stil maar daar hoor je altijd de golven en het kraken van de boot of het klapperen van de zeilen. Hier hoor je helemaal niets!

Zonsopkomst in de Sahara

De zon komt op en ook wij worden wakker en kleden ons aan. Achmed is al bezig met de voorbereidingen voor het ontbijt, breekt het kamp op en laadt alle matrassen weer op het dak van de jeep. Daarna rijden we naar het dorp waar Achmed vandaan komt en we maken daar een wandeling door de akkers waar gewassen worden geteeld. Ook maken we een wandeling langs de rivier.

Wandeling langs de rivier bij het geboortedorp van Achmed

Nu is het een kalm beekje maar soms is het een kolkende rivier als het heeft geregend in de bergen. Dat water wordt weer gebruikt voor het irrigeren van de akkers in het dorp. We rijden weer verder en rijden nu over de bodem van wat vroeger het Iriqui meer is geweest.

Fossielen op de bodem van het Iriqui meer

Het is het één na grootste meer van Afrika geweest. We gaan op zoek naar fossielen en vinden er diversen.

Hamam

Het is weer tijd om terug te gaan en rijden richting de bewoonde wereld. Het duurt nog enkele uren voordat we weer uit de woestijn zijn. Het zandpad gaat langzamerhand over in een grindpad. Weer verderop komen er meer keien en rijden we door rivierbeddingen tot we aan het eind van de weg rechtsaf slaan op het asfalt richting het dorp Foum Zguid. De tocht zit er weer op.
Achmed heeft voor mij een afspraak gemaakt bij de plaatselijke Haman in het dorp. Daar zullen zij ook even mijn rug behandelen.
Daar aangekomen kleed ik mij uit op mijn onderbroek na. Dat hoort zo. Ik heb geen idee waar ik moet beginnen en kijk naar de anderen en pak ook maar een emmer met water en gooi dat over mij heen. Één van de bezoekers van de Hamam komt naar mij toe en laat mij zien wat de volgorde is en ik begin met me te wassen. Daarna word ik door de eigenaar geroepen en moet ik op de grond gaan liggen en hij pakt een natte handdoek en begint mij te boenen. Oef… Dat doet pijn in mijn rug maar het helpt gelukkig wel. Mirjam is naar de Berberfamilie gegaan en gaat daar naar de hamam en krijgt daar een behandeling terwijl Kiki en Noor met de Berber kinderen spelen. Mirjam is vaker naar de hamam geweest, maar deze hamam maakt veel indruk door de eenvoud en de gastvrijheid van de Berberfamilie.

Van de woestijn naar het hooggebergte

De volgende ochtend rijden we weer verder en gaan we richting de Atlas gebergte. We kronkelen over bergpaden naar hogere bergtoppen. Na iedere bocht zien we weer een adembenemende vergezicht. Marokko is zo prachtig!

De film-scene van Aït-ben-hadour

We stoppen bij Ait-ben-haddou. Dat is een oude stad die vaak gebruikt is als decor in films. We lopen door het dorp. Het is er erg toeristisch en na een wandeling gaan we naar een restaurantje buiten het dorp om te lunchen. Daarna vervolgen we onze weg weer. Het is nog een lange rit naar Asni, een plaatsje in de High Atlas. Kronkelend rijden we over bergpassen. Het wordt koud, het regent. Wat een contrast met de woestijn van gisteren. De weg is afgesloten.

Het wordt kouder in de High Atlas

Ergens boven ons in de berg zijn ze stukken rots aan het opblazen en die denderen over de weg het dal in. Na een tijdje komt er een shovel en die veegt de laatste rotsblokken van de weg het ravijn in. We kunnen weer verder. Het wordt later en donker. We moeten nog 30 kilometer tot de eindbestemming. De wegen worden slechter en zijn onverlicht maar we rijden uiteindelijk het dorp in en gaan op zoek naar het hotel. We hebben het via Airbnb geboekt maar kunnen het niet vinden. We kronkelen een pad het dorp uit richting het hotel maar na een tijdje rijden, houdt het hier echt op. Geen hotel te vinden. We vragen het aan een aantal mensen maar niemand kent het. Ten einde raad rijden we naar het begin van het dorp en zien daar een hotel. Mirjam loopt naar binnen en vraagt de weg. Het blijkt het juiste adres te zijn. Dit is ons hotel alleen de coordinaten bij Airbnb kloppen niet.

Atlas gebergte

Dit hotel straalt de sfeer uit van een skihotel in Oostenrijk, maar dan met een oosters tintje. Alle hotelgasten zijn hikers. Het is een bekend gebied hier voor wandeltochten en ook kun je er in de winter skiën. Wij gaan vandaag een wandeling de berg op maken.

Café met een view!

Het is meer een klimtocht over rotsblokken en als we boven aankomen, is daar een klein cafeetje met het meest fantastische uitzicht. In de verte zien we de Toubkal met sneeuw op de toppen.

High Atlas met op de achtergrond besneeuwde toppen van de Toubkal

Prachtig! Ik wist niet dat Marokko zo divers was en zo mooi! We lopen nog even door het dorp en lunchen langs de rivier. Het is er een stuk frisser dan in de woestijn en in Agadir.

Lunch aan de rivier

‘s Avonds gaan we eten in het restaurant van het hotel en gaan op tijd naar bed. De volgende ochtend gaan we weer naar ‘huis’ toe.

Naar huis

Na het ontbijt stappen we in de auto en dit keer met daglicht rijden we het dal in. We rijden via Marrakech naar de tolweg en direct door naar Agadir. In Agadir gaan we eerst nog foerageren voor de oversteek naar de Canarische Eilanden. We komen bij een enorme grote supermarkt. Helaas is Kiki ziek geworden in het laatste hotel, waarschijnlijk een bacterie, geen idee, maar ze is helemaal niet fit. Tijdens het boodschappen doen valt ze bijna flauw. Na een periode van rust en een extra winkelwagentje waar we Kiki in duwen, halen we alles wat we nodig hebben. We krijgen maar net alle spullen in de auto. De meiden kunnen amper zitten op de achterbank. We komen aan in de haven en brengen alle boodschappen naar de boot. We zijn weer thuis!
Edi en Almuth begroeten ons hartelijk en vragen ons honderduit over de tocht die we hebben gemaakt.
Wat een prachtige indrukken. Toen we bezig waren met de planning, stond Mirjam er op om naar Marokko te gaan. Ik zag dat niet zo zitten en wilde liever via Madeira maar wat ben ik blij dat Mirjam vol heeft gehouden. Dit is zeker een land waar we nog vaker naar toe zullen gaan!